Stage-/opleidingsprogramma en -afspraken voor studenten lerarenopleidingen/stagiaires op het SMC
Als studenten van een lerarenopleiding hun praktijkleren/stage op het SMC volgen, dan kunnen studenten rekenen op de volgende opleidingsafspraken.
Opleidingsafspraken
- Het opleidingsprogramma voor elke student bestaat op het SMC in elk geval uit:
a. Het observeren en geven van lessen;
b. Het uitvoeren van niet-lesgebonden activiteiten die ook tot de taak van docent behoren (vervat in ‘leerwerktaken’), waartoe in elk geval een taak in/deelname aan het spectrascholaire programma van de school hoort; en
c. Het deelnemen aan enkele thema-/intervisiebijeenkomsten.
d. Daarnaast kunnen in het kader van de ontwikkeling van de student maatwerkafspraken gemaakt worden om het praktijkleren/de stage op het SMC vorm te geven.
e. Indien (afstudeer)onderzoek wenselijk of verplicht onderdeel van de stage/het praktijkleren is, kunnen studenten ook daarin begeleid worden. - Afhankelijk van het type stage, de ervaring van de student en de stage-eisen van het instituut voor de lerarenopleiding worden bovenstaande zaken aan het begin van de stage concreet ingevuld tussen student/stagiair en begeleiders (denk aan: aantal te geven lessen, stagedagen, vormgeving andere stageopdrachten/leerwerktaken, deelname themabijeenkomsten, enz.).
- Elke student werkt vanuit een persoonlijk ontwikkelplan (POP). Dat plan (een set ontwikkeldoelen en afspraken over hoe die doelen te behalen) vormt het uitgangspunt voor de stage/het praktijkleren van de student/stagiair. Het POP wordt periodiek tussen student en begeleiders besproken/geëvalueerd, zodat het, naar gelang de ontwikkeling van de student, ook steeds kan worden bijgesteld.
- Elke student krijgt twee begeleiders vanuit het SMC:
a. een schoolopleider (een geregistreerd lerarenopleider of iemand met uitzicht op die registratie); en
b. een werkplekbegeleider (begeleider vanuit de vakgroep van het schoolvak waarvoor de student studeert). - De student observeert en geeft met name lessen aan de klas(sen) die de werkplekbegeleider als vakdocent lesgeeft.